Van droom naar doen
‘Lastige mensen zorgen wel voor vernieuwing.’ De opmerking valt halverwege de ochtend en zorgt voor gelach in de zaal. Vrijwel direct volgt een reactie: ‘Ik ben een lastig mens.’ Het typeert de sfeer tijdens de vierde en laatste bijeenkomst van de Denktank Toekomst van werk. In de bijeenkomsten zoeken vertegenwoordigers van sociaal ontwikkelbedrijven, gemeenten, ministeries, onderwijs, UWV en bedrijfsleven naar een antwoord op de vraag: hoe ziet werk eruit in een samenleving waarin écht iedereen mee kan doen?
Vier bijeenkomsten later ligt er iets tastbaars op tafel: Wenkend perspectief. Een toekomstbeeld waarin mensen niet eerst hoeven te bewijzen wat ze niet kunnen, maar worden gezien om wat ze wel kunnen bijdragen. De slotbijeenkomst bij Mytylschool Ariane de Ranitz in Utrecht staat daarom in het teken van de vraag: hoe brengen we dit verhaal van papier naar de praktijk?
Praktijk begint op school
Juist de locatie van de slotbijeenkomst laat zien waar het uiteindelijk om draait, Mytylschool Ariane de Ranitz. Hier volgen jongeren met een lichamelijke of meervoudige beperking onderwijs. Maar minstens zo belangrijk: ze bereiden zich voor op hun plek in de samenleving. Medewerkers van de school trappen de bijeenkomst af met een korte film over het nieuwe schoolgebouw, gevolgd door gesprekken met leerlingen die vertellen over hun toekomstplannen. De een wil werken in de horeca, de ander wil kapper worden. Een leerling vertelt hoe bijzonder het is voor haar dat tijdens een gesprek met een mbo-opleiding echt naar haar wordt geluisterd. ‘Ik voel me zo serieus genomen door jullie.’ Een andere leerling vertelt dat zelfstandig werken alleen mogelijk is als de noodzakelijke begeleiding ook beschikbaar blijft na de middelbare schooltijd. ‘Zodra ik van school afga, wordt het wel een dingetje.’
De mytylschool laat dagelijks zien dat talentontwikkeling mogelijk is. Tegelijkertijd lopen leerlingen en begeleiders tegen de grenzen aan van het systeem. Gemeenten hanteren verschillende regels en passende opleidingen zijn beperkt.
Een arbeidsmarkt die uitsluit
Juist die dagelijkse praktijk sluit goed aan op de vraagstukken waar de denktank zich de afgelopen maanden over heeft gebogen. Tijdens het slot in Utrecht schuiven onder meer Ron den Os (ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid), Yvonne van Delft (directeur Stroomopwaarts Vlaardingen en Schiedam), Tom Wielart (teammanager SpaarneWerkt) en Petra de Groot (UWV) aan. Daarnaast nemen vertegenwoordigers van werkontwikkelbedrijven, gemeenten, onderwijsinstellingen en werkgevers uit het land deel aan de discussie.
Arbeidsmarkteconoom Ronald Dekker vertelt tijdens zijn presentatie dat de arbeidsmarkt geen neutraal systeem is. ‘Werkgevers zeggen eigenlijk voortdurend: jij bent niet geschikt.’ Volgens Dekker blijft betaald werk ook richting 2050 belangrijk, maar moet de samenleving anders gaan kijken naar werk. Niet iedereen past vanzelf binnen de huidige arbeidsmarkt. Daarom moet de overheid volgens hem verantwoordelijkheid nemen om mensen een plek te bieden. Hij pleit voor werkgarantie voor mensen die buiten de reguliere arbeidsmarkt vallen. Dat leidt tot discussie. Want hoe moet de overheid die banen organiseren? Of moeten we juist breder kijken naar wat waardevol werk eigenlijk is? Vrijwilligerswerk en mantelzorg leveren immers minstens zoveel maatschappelijke waarde op als betaald werk. ‘Waarom zou alleen betaald werk tellen?’ klinkt het vanuit de schoolbanken.
Lastige mensen
Misschien wel het meest terugkerende thema van de ochtend is de spanning tussen systeem en praktijk. Iedereen herkent de voorbeelden. Een werkgever die graag iemand wil aannemen, maar vastloopt in regels. Een gemeente die goede bedoelingen heeft, maar wordt beperkt door wetgeving. ‘Het systeem werkt gewoon tegen.’ Toch klinkt er de oproep om niet af te wachten. ‘Je moet de ruimte gewoon gebruiken, of je hem nou krijgt of niet. Dat is werken volgens de bedoeling.’
Een ander merkt op dat juist mensen die buiten de gebaande paden denken, zorgen voor verandering. ‘Lastige mensen zorgen wel voor vernieuwing.’ Het levert een spontane reactie op. ‘Ik ben een lastig mens.’ De zaal lacht, maar de boodschap is serieus. Vernieuwing ontstaat zelden als iedereen precies doet wat altijd al gebeurt.